Spoedlocaties bodemsanering

De provincie Zuid-Holland steekt veel energie in de aanpak van ernstige bodemverontreinigingen. De verontreiniging kan een risico vormen voor mens, plant of dier. Als dat zo is noemen we het een spoedlocatie. Zoals landelijk afgesproken in het Bodemconvenant heeft het provinciebestuur een programma gemaakt voor de aanpak van deze spoedlocaties.

De locaties die een risico vormen, krijgen prioriteit voor onderzoek en sanering. De beslissing om een verontreinigde bodem te saneren, wordt genomen op basis van prioriteiten.

3 soorten risico’s:

  • voor de mens (humane risico’s)
  • de dieren en planten (ecologische risico’s)
  • de snelheid van verspreiding van de verontreiniging met het grondwater (verspreidingsrisico).

De locaties met onaanvaardbare risico’s bij het huidige gebruik, zijn in het bodemsaneringsbeleid gedefinieerd als spoedlocaties. De locaties waar sprake was van humaan risico zijn in 2015 aangepakt. Bij locaties met ecologische risico’s of verspreidingsrisico’s zijn de inspanningen er op gericht om uiterlijk voor 2021 de verontreiniging te saneren of de risico’s te beheersen. Het beleid van de provincie is er op gericht om enerzijds de onaanvaardbare risico’s snel weg te nemen en anderzijds dit zoveel mogelijk door marktpartijen en belanghebbenden te laten uitvoeren en maakt daar afspraken over. De provincie stimuleert dat verantwoordelijke partijen en belanghebbenden onderzoek en sanering uitvoeren. De provincie let er daarbij op dat saneringsmaatregelen zoveel mogelijk samenvalt met de maatschappelijke dynamiek zoals bouwwerkzaamheden en (her) ontwikkeling. Uitgangspunt is dat de risico’s worden weggenomen en de bodem geschikt wordt gemaakt voor het gebruik. Soms moeten tijdelijke beveiligingsmaatregelen genomen worden of kunnen saneringen in fases worden uitgevoerd.

Kaart spoedlocaties bodemsanering 1 december 2019

Grotere kaart weergeven

De spoedlocaties 2019 zijn in onderstaande lijst (pdf document) verwerkt:

Lijst spoedlocaties Zuid-Holland 2019

Aanpak Provincie Zuid Holland

De aanpak van bodemverontreiniging maakt steeds meer deel uit van reguliere ruimtelijke projecten. In de planvorming rekening houden met aanwezige bodemverontreiniging kan kosten besparen.

De provincie heeft de uitvoering van bodemtaken ondergebracht bij de regionale omgevingsdiensten. Per geval beoordeelt de omgevingsdienst welke maatregelen nodig zijn en wie deze moet uitvoeren. In veel gevallen is de eigenaar zelf verantwoordelijk volgens de Wet bodembescherming voor onderzoek of sanering. In een aantal gevallen waar geen verantwoordelijken zijn aan te wijzen neemt de omgevingsdienst zelf initiatief voor het onderzoek en sanering namens de provincie.

Stand van zaken

In het Convenant Bodemontwikkelingsbeleid en aanpak spoedlocaties” uit 2009 (“Bodemconvenant 2010-2015”) is afgesproken dat de humane risico’s eind 2015 zijn weggenomen (risico’s gesaneerd danwel beheerst). De provincie Zuid-Holland heeft deze doelstelling gerealiseerd. Tot 1 oktober 2019 zijn aan de lijst 12 locaties toegevoegd (2 in 2016, 1 in 2017, 4 in 2018 en 5 in 2019). Op de lijst staan nog 7 locaties waar sprake is van humane risico’s. Dit zijn allen locaties die na 2015 aan de lijst zijn toegevoegd. Op 2 van deze locaties zijn de humane risico’s reeds beheerst met tijdelijke beveiligingsmaatregelen. Een sanering volgt op deze locaties nog. Op 5 van deze locaties zijn de risico’s volgens de methodiek van invullen nog niet beheerst. Hierbij wordt opgemerkt dat op 3 van deze locaties reeds een bodemsanering in uitvoering is en op 1 locatie nog aanvullend onderzoek plaatsvindt naar de (daadwerkelijke aanwezigheid van) risico’s. En tenslotte is één van deze locaties in 2019 aan de lijst toegevoegd. De aanpak van deze locaties heeft prioriteit.

Voor verontreinigingen die kunnen leiden tot risico’s voor verspreiding en ecologie geldt dat deze locaties in beeld zijn gebracht. Daarbij geldt dat ook deze risico’s zo spoedig mogelijk na 2015 worden weggenomen. In het “Bodemconvenant 2016-2020” is afgesproken dat alle op de MTR 2013-lijsten opgenomen spoedlocaties én de locaties die daarna nog bekend worden, voor 1 januari 2021 zijn gesaneerd dan wel de risico’s van deze locaties zijn beheerst.

In onderstaand histogram is het aantal spoedlocaties onderverdeeld naar soort risico per jaar.

Twee kanttekeningen bij deze tabel:

  1. De optelsom in de tabel is meer dan 59, omdat er locaties zijn met meer typen risico, bijvoorbeeld zowel humane risico’s als verspreidingsrisico’s;
  2. Uit de tabel blijkt dat aan de lijst van spoedlocaties van 1 oktober 2015 van 112 locaties er tot 1 oktober 2019 twaalf locaties zijn toegevoegd aan de lijst. Het totaal staat derhalve per 1 oktober 2019 op 124 locaties. Van deze 124 locaties zijn tot 1 oktober 2019, 65 locaties afgehandeld. Dat wil zeggen dat deze locaties zijn aangepakt door sanering, of zijn(her)beschikt in een niet spoedlocatie omdat er op basis van de uitgevoerde onderzoeken geen risico’s aanwezig zijn die met spoed aangepakt moeten worden. Er zijn derhalve nog 59 locaties in behandeling.

De komende jaren zal prioriteit worden gegevens aan het  afronden van de aanpak van alle spoedlocaties.

De aantallen hebben betrekking op het gebied waarvoor de provincie Zuid-Holland zelf bevoegd gezag is in het kader van de Wet Bodembescherming. Dit betreft geheel Zuid- Holland exclusief de gemeenten Dordrecht, Rotterdam, Den Haag, Leiden en Schiedam die zelf bevoegd gezag zijn.​